Bijdrage Unia


14 juni 2019

Bijdrage Unia 12 juni 2019

Voorzitter,

In januari 2005 ben ik in Friesland komen wonen en fietste ik regelmatig langs de groene weides rond Leeuwarden. Groot was dan ook mijn schrik toen ik in de LC van 9 april 2005 las dat er ingrijpende bouwplannen waren voor een groot deel van dit gebied. “Einde van een idyllisch landschap” kopte de Leeuwarder Courant toen.

Sprong in de tijd: in 2011 is de Structuurvisie De Zuidlanden door de toenmalige gemeenteraad goedgekeurd en inmiddels is een deel van het plan (Techum) gerealiseerd. En hoezeer de teloorgang van het groen mij nog steeds aan het hart gaat, ik zie wel degelijk de nodige positieve aspecten van dit plan. Ik denk bijv. aan opzet in buurtschappen (met aanzienlijke groene ruimtes ertussen) en de aandacht die er is voor duurzaamheid.

De afgelopen maanden is er echter veel onrust over het bouwplan Unia. Vorige week heb ik mijn waardering naar de wethouder uitgesproken dat hij n.a.v. alle kritiek in gesprek is gegaan met de bewoners en dat het plan op punten is aangepast. Maar is dit voldoende geweest? Veel insprekers vinden nog steeds van niet. Zij hebben bij de aankoop van hun perceel vertrouwd op deze Structuurvisie en in hun optiek wijkt het plan Unia daar nog steeds te zeer vanaf. Tegen de arkbewoners heeft de wethouder gezegd dat hij baalt van de te rooskleurige informatie van de makelaar en dat hij hieruit lering trekt voor de toekomst. Enerzijds siert dit deze nieuwe wethouder, maar anderzijds kun je zeggen: wat kopen de zij hiervoor? De arkbewoners zijn nog steeds van mening dat zij onvoldoende in hun bezwaren tegemoet zijn gekomen en ze voelen zich geschoffeerd. Nu bestaat er in Nederland weliswaar geen recht op vrij uitzicht, maar de inwoners van deze gemeente moeten wel kunnen vertrouwen op informatie over het bouwplan die destijds gevraagd en gegeven is. De PvdD hecht namelijk, net als de VVD vorige week naar voren bracht, aan een betrouwbare overheid. Een van de beginselen van behoorlijk bestuur is immers het rechtzekerheidsbeginsel. De PvdD vindt dat dit beginsel geschonden wordt nu ook het huidige plan Unia niet, althans onvoldoende, overeenkomstig de Structuurvisie is.

Waar gaat het mank? Mijn beperkte spreektijd noopt mij om mij te beperken tot 3 aspecten:

Unia was gepland, door middel van een cirkel aan weerszijden van de Wirdumerfeart. De grond aan de oostzijde kon niet bemachtigd worden en nu is de bebouwing volledig aan de westzijde van deze vaart gepland. Deze bebouwing ligt zo ver buiten de oorspronkelijke halve cirkel, dat niet kan worden volgehouden dat dit nog past bij de zgn. indicatieve vlek. Gevolg is dat de woonarkbewoners met bebouwing geconfronteerd worden die veel dichter bij komt dat de Structuurvisie impliceert. Een schrijnend contrast met het toegezegde ‘weidse uitzicht’.

Er zouden 2 ontsluitingswegen zijn en dat wordt er maar één. Hoe veilig je die weg ook maakt, zoals de wethouder beloofde: hij wordt wel veel drukker dan met een extra ontsluitingsweg. Zuur voor de mensen aan de Nije Daem.

Er is te weinig groen tussen de woonkernen, waardoor tevens niet is voldaan aan de motie Groenstructuur die in deze raad unaniem is aangenomen. Unia is een soort Techum-Sud geworden. Tussen de woonarken en de bebouwing is evenmin groen.

Wat nu?

Doorgaan zoals gepland is voor de PvdD geen optie. Het plan zal onze goedkeuring vandaag niet krijgen. Het liefst hebben wij dat Unia helemaal geschrapt wordt, maar dat is wellicht niet realistisch in deze fase.

Doorgaan met inachtneming van de motie van coalitiepartijen (mits die aangenomen wordt)? Deze motie gaat ons eigenlijk niet ver genoeg. We beschouwen het als vangnet-optie, dus als niks anders mogelijk is. Nadeel van dit plan is dat er dan weer óver de belangen van bewoners wordt beslist en niet mét hen.

Met klem bepleit de PvdD hier om terug naar de tekentafel te gaan en meer en beter te communiceren met de bewoners. Hierbij dient ook het aangepaste plan (plan B.) aan de orde komen. Ten aanzien van dit alternatieve plan heeft de wethouder gezegd: dat heeft een prijskaartje van € 4 miljoen en het kost te veel huizen (46). Bij gebrek aan onderbouwing is geen van beide argumenten overtuigend. Op dit moment is er nog geen grond bouwrijp gemaakt, er is geen paal in de grond geslagen en concrete bouwkosten (los van de aankoop van de grond) zijn er dus niet gemaakt. Het kostenargument is o.i. overal in het land een populair argument om discutabele bouwplannen erdoor te drukken. “Ik moet voldoen aan de opgave van de raad om woningen te realiseren,” aldus de wethouder vorige week. Die opgave wordt binnenkort bijgesteld. De vorige Volkshuisvestingsvisie is immers aan vervanging toe en staat zeer binnenkort op de agenda. Pas dan kan goed worden geïnventariseerd of en waar aan welke woningen behoefte is. Te zijner tijd voldoen aan de juiste woningopgave, een mooier, groener bouwplan met brede instemming van de bewoners en dat recht doet aan de laatste inzichten op het gebied van biodiversiteit, al die zaken leveren o.i. alleen maar winst op. Tenslotte bewijst de gemeente op deze manier ook trouw te zijn aan de belofte uit par. 1.4 van de Structuurvisie: “Indien nodig moet het zelfs mogelijk zijn ontwikkelingen voor korte of lange termijn stop te zetten. In de structuurvisie gaat het daarom meer over een ontwikkelstrategie dan om een eindplan.” Welnu: de PvdD zegt: die pas op de plaats is nodig! Vandaar dat wij het amendement en de motie van initiatiefnemer 058 mede indienen.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer